Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label Oflag XIII-B. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Oflag XIII-B. Alle posts tonen

zondag 26 april 2026

St. Nicolaas - Kerst Revue

Een prachtige poster voor de sinterklaas-kerstrevue in krijgsgevangenenkamp Stanislau, waar 2000 Nederlandse officieren gevangen zaten. O.K. staat voor opgepikte knapen, een cabaretgezelschap voor en door officieren, om de gevangenen uit de sleur halen, zodat ze hun zorgen eens opzij konden zetten. De show die vele malen werd opgevoerd bevatte onder meer een zigeunerorkest, cabaret, opera, dans, Johny and Jones, intermezzo's, orkest, the longwater pionneers etc. etc.

De poster is gemaakt door Tlt. G. van Amstel, schrijver van het boek "De zak met vlooien". Een absolute aanrader voor iedereen die interesse heeft in de geschiedenis van de wo2.

Een geweldige schenking van dhr. Ziëck, waarvoor dank!!

M.m.v.:

Kapt. de Boer, kapt. v.d. Burg, c.v. de Jong, kapt. Bont, lt. Brantjes, c.s. v. Vianen, lt. Miedema, lt. Brouwer, lt. Hussem, lt. Pantus, lt. Kroon, lt. v.d. Zande, maj. Jhr. Gevaerts, kapt. Bont, lt. Moraal, lt. Rouffaer, lt. Callenbach, c.v. Suyderhout, lt. van Amstel








zaterdag 27 maart 2021

Ritmeester W.E. Mathon, kamp Stanislau

Een postkaart uit kamp Stanislau van Ritmeester Willem Edmond Mathon (1889-1947), 3e Regiment Huzaren.
"Geen borrel of biertje, weinig rooken, eten beperkt maar voldoende."


 

zaterdag 17 oktober 2020

Melding uit kamp Stanislau; verboden gedicht gevonden!

 Vijf dagen streng voor de Hollandse krijgsgevangene Luitenant G.G. van Tol, wegens het bezit van een gedicht waarin de Wehrmacht en Goebbels op de hak werden genomen. Helaas werd het gedicht gevonden en de kampleiding stelde minder prijs op het gedicht dan van Tol en zijn medegevangenen, wat hem vijf dagen in de nor kostte.



zaterdag 30 mei 2020

Officier der MSD van der Tak, marine-officier in krijgsgevangenschap

De boernoes van Officier MSD Gerrit van der Tak, gedragen gedurende zijn krijgsgevangenschap 1942-1945. Omdat het een zwarte uniformjas betreft die eventueel omgebouwd kon worden naar een burgerjas bij een ontsnapping, zijn de letters KGF op de rug geschilderd. Dit stond voor KRIEGSGEFANGENE. 






Gerrit van der Tak in kamp Stanislau. Op zijn pet het embleem van de Marine Stoomvaartdienst. Rechts van hem staat een officier die een boernoes draagt.


zaterdag 18 april 2020

Foto krijgsgevangen intendanten te Stanislau, winter 1943

Staand v.l.n.r.:
Kapitein H. Kromhout, Kapitein P.J. v.d. Burg,  Kapitein K.D. Scheffer, Kapitein W.J.A. Vis, Kapitein F. Wijnman, Kapitein W.A. Scheuermann, Majoor C.A.J. Kroeze, 
Kapitein F.A. Nieuwland,  Kapitein P.J. de Bont, Majoor J. Vethake, Kapitein J.P. de Hingh

Zittend v.l.n.r.:
Kapitein P. van der Heide, Majoor P.J.T. de Roos, Luitenant-kolonel P.P.W. van Leeuwen, Kolonel W. Schutte, Majoor J.P.H. van Aalst, Kapitein J.A. van Boven



 


Tekening kamp Neubrandenburg

Prachtige tekening gemaakt in het krijgsgevangenenkamp Neubrandenburg, Oflag 67. De tekenaar, met de initialen T. T. H. is mij helaas nog onbekend. Op de tekening zie je een bed in een van de barakken van het kamp, met daaromheen rondslingerende uniformstukken, een kat, foto's van familie en het thuisfront, door het rode kruis gezonden pakketten, etenswaren en boeken en een kolenkit.


Rechts op het plankje Milko powdered milk en Rowntrees Cocoa.
Afbeelding kan het volgende bevatten: 1 persoon
Geen fotobeschrijving beschikbaar.

Foto Luteyn, Knoop en Portier

Pagina 9 uit het album van cadet-sergeant Snijdewint, KMA 1939-1940.
Het senaat dat bestond uit:
-Tonny Luteyn
-Johannes Henri "Hans" Knoop
-B.F. Portier

In 1940 moesten ook de cadetten de erewoordverklaring ondertekenen waarin stond dat zij niets tegen het Duitse rijk zouden ondernemen zolang Nederland met hen in staat van oorlog was.
Knoop gaf als voorzitter van de commissie advies wel te tekenen, en dat werd dan ook massaal gedaan. In zijn mening was een erewoord aan de Duitsers niets waard, gezien zij zelf continu hun erewoord braken. Hij en Portier tekenden dan ook. Luteyn daarin tegen weigerde. Dat betekende voor hem en een groep van 68 andere officieren (waaronder overigens één stoker) het begin van hun krijgsgevangenschap. Zij kwamen in kamp Colditz terecht (later zou deze groep bij de andere officieren in Stanislau komen).

Op 5 januari 1942 ontsnapte Luteyn samen met de Britse luitenant Airey Neave. De Engelsen hadden een manier gevonden om in de wachtkamer te komen. Gezien Luteyn Duits sprak werd hij gekozen om ook te ontsnappen. Op de bewuste avond gingen zij verkleed als Leutnants de wachtkamer in, waar de bewakers netjes voor hen opstonden om te groeten. Rustig wandelden ze naar het park, waar ze over de muur heen klommen, hun Duitse uniformen begroeven en netjes in hun burgerkleding hun reis vervolgden naar Leisnig, waar ze de trein naar Leipzig namen. Hun route was precies uitgekiend. Hans Larive, een marine officier de eerder ontsnapte maar bij de grens naar Zwitserland was gepakt, had destijds van een iets te praatgrage abwehr-offizier te horen gekregen hoe het hem wel had kunnen lukken. Deze informatie is later bij meerdere ontsnappingspogingen gebruikt.
In Leipzig moesten Luteyn en Neave 12 uur wachten. Een mooie gelegenheid om een bezoek aan de bioscoop te brengen!
Toen ze in Ulm opnieuw een treinkaartje moesten kopen, vond de dame achter de toonbank het verdacht. Ze werden opgepakt door de lokale politie, maar ontsnapten weer en haalden nu lopend en met de trein de laatste kilometers tot aan de Zwitserse grens. Het laatste stuk over de grens was gevaarlijk; een open terrein waar de politie hen zou kunnen zien. Ze schudden elkaar de hand en renden het hele stuk tot aan het Zwitserse dorp Ramsen. Voor de ontsnapping kreeg hij het Bronzen Kruis. Via Suriname ging hij naar Australië waar hij zich bij het KNIL aansloot.
Airey Neave ging voor MI9 werken. Na de oorlog werd hij parlementslid. In 1979 werd hij vermoord tijdens een aanslag door de IRA.

Hans Knoop liet tijdens de oorlog ook zien dat hij geen waarde hechtte aan de ondertekende verklaring. Hij sloot zich aan bij de verzetsgroep “Legioen Oud Frontstrijders” in Amsterdam. Na een mislukte poging om een verrader te liquideren moesten hij, mede-gezochte Gijs de Jong en nog twee andere verzetsleden het schip ruimen en probeerden zij Zwitserland te bereiken. Zijn drie metgezellen werden in Frankrijk gepakt, maar Knoop kon ontkomen. Twee van hen lukte het alsnog Engeland te bereiken. Kist werd later gefusilleerd. In Toulouse kwam Knoop in contact met een andere Nederlander; G.A. van Dam met wie hij Spanje bereikte. In Madrid scheidden hun wegen, maar beiden ontkwamen naar Engeland. Vanaf daar ging Knoop naar Amerika om tot vlieger opgeleid te worden. Bij het 120 squadron RAAF vloog hij vanuit Australië als KNIL-vlieger missies tegen Japan. Na de capitulatie kwam hij bij het 121 squadron terecht dat in de onafhankelijkheidsoorlog deelnam. Hij werd commandant van dit squadron. Later werd hij commandant van de vliegbasis Leeuwarden en uiteindelijk sloot hij zijn carrière af als Bevelhebber der Luchtstrijdkrachten. Hij bereikte de rang van luitenant-generaal.
Portier werd in mei 1942 opgeroepen voor een verplichte controle. Hij meldde zich in Breda, maar de controle bleek een list en hij werd teruggevoerd in krijgsgevangenschap. De groep van ruim 2000 officieren, cadetten en adelborsten verbleef tot de bevrijding in de kampen Oflag XIII B Neurenberg-Langwasser, Stalag 371 Stanislau en Oflag 67 Neubrandenburg. Na de oorlog bereikte hij de rang kapitein bij de genie.


vrijdag 15 maart 2019

Groepsfoto officierskamp Stalag 371 Stanislau

Stanislau 19 december 1942
Staande van links naar rechts de eerste luitenants 
W. Visserman
 J. van Oss
 J.G. de Bruin         
 J.N.A. Verloop
 A.L. Mes
 J.L.A. Haase
 C.L. Jongenburger

Gezeten van links naar rechts eerste luitenants:
E.D. van Nispen
R.F. Kranenborg
C.J.J. van Tatenhove
H. Varenkamp (ltz2)
J. van den Breemer
J. Slegtenhorst
M.J. Haasdonk
T.M. Bedeaux (ltz2)



maandag 25 december 2017

Sterrezangers, Neubrandenburg 1944

Een prachtige groot-formaat tekening van de drie wijzen, ontworpen voor het kerstspel dat de krijgsgevangen officieren opvoerden in Oflag 67, kamp Neubrandenburg.
Schenking van Dhr. Ziëck.



woensdag 8 november 2017

Broodplank Luitenant Breunese Stanislau

Een prachtige broodplank van Luitenant P.D.F. Breunese, 3e comp. I bataljon, Regiment Jagers. In 1940 is hij betrokken geweest bij de gevechten om vliegveld Ockenburg, waarbij hij met zijn eenheid hevige gevechten voerde met de Duitse parachutisten.

Deze broodplank werd in krijgsgevangenschap gemaakt. Linksboven is de jachthoorn te zien, het embleem van het regiment Jagers, de gekroonde W voor Wilhelmina en rechtsboven zijn naam.

zaterdag 14 oktober 2017

Spoelfles (botol cebok) van een krijgsgevangen officier

De botol cebok werd gebruikt om na een "grote boodschap" je achterwerk schoon te spoelen met water. Dit komt voort uit de Indische traditie, en werd dan ook door vele krijgsgevangenen uit N.O.I. toegepast. Deze fles is gebruikt door overste C.A. Hartmans.

Hij maakte deel uit van de groep van 77 officieren die op 14 december 1942 terugkeerden in Nederland. Na de oorlog is hij nog een periode directeur van het legermuseum geweest, waar hij voor de oorlog ook al actief was in het bestuur.


Zijn KGF-nummer op de deksel

vrijdag 25 augustus 2017

Cadet-sergeant Snijdewint

Van Dhr. Snijdewint ontving ik een groot aantal foto's en documenten van zijn helaas recent overleden vader, die als cadet sergeant drie jaar in krijgsgevangenschap zat (zie eerder bericht). De schenking omvat onder meer:
-Een tiental foto's uit Stanislau
-13 spotprentjes uit krijgsgevangenschap
-Een map met correspondentie m.b.t. de vele reünies van zijn KMA lichting (promotie '42) en KGF reünies
-foto's van zijn verdere carrière als officier bij de Genie en reünies
-Een foto-album met vele unieke foto's uit zijn KMA tijd

Ik ben Dhr. Snijdewint enorm dankbaar voor deze bijzondere schenkingen!

Betere foto's/scans zullen in de loop van de tijd nog geplaatst worden.






dinsdag 22 augustus 2017

In memoriam

Vorig jaar kwam ik in contact met deze oud-krijgsgevangene en zijn zoon. Ik heb toen nog de eer gehad deze bijzondere man te mogen spreken.
De link naar het blog-artikel van destijds:


vrijdag 11 augustus 2017

Aluminium doosje uit Oflag 67 Neubrandenburg

Doosje van Tltn. J.J. Cramer, gemaakt door een Rus in Oflag 67 Neubrandenburg, het kamp waar in 1944 en 1945 duizenden Nederlandse beroeps en reserve-officieren zaten. Het materiaal is afkomstig van een Amerikaanse bommenwerper die in de omgeving was neergestort. 
Met dank aan Dhr. Ziëck die dit doosje schonk.




zondag 6 augustus 2017

Edesche Courant, gestuurd naar Oflag XIII B Neurenberg-Langwasser

Recent mocht ik van Dhr. Ziëck weer een unieke schenking ontvangen voor de collectie: Een exemplaar van de Edesche Courant.

De krant van augustus 1942 (1924 is een drukfout) werd gestuurd naar de officieren die zich sinds enkele maanden in krijgsgevangenschap bevonden. Hij is echter teruggestuurd omdat kranten en tijdschriften niet door de censuur werden toegelaten. Later toen de groep naar kamp Stanislau in Polen, heden Oekraïne, ging konden er wel boeken gezonden worden.

De geadresseerde is de Luitenant Nicolaas van den Brandhof, officier bij de School Reserve Officieren Bereden Artillerie en zoon van generaal-majoor J.L.M. van den Brandhof. Hij trouwde op 4 april 1939 met de dochter van Notaris Fischer, het huwelijk werd door de burgemeester van Ede persoonlijk voltrokken en daarna ingezegend in de Lutherse Kerk.

Luitenant van den Brandhof bevond zich drie jaar in krijgsgevangenschap in achtervolgens de kampen:
-Neurenberg-Langwasser
-Stanislau
-Neubrandenburg



Foto van de registratiekaart van Tlnt J.J. Cramer

Foto van de Personalkarte van Tlnt. J.J. Cramer, die waarnemer was bij het tweede luchtvaartregiment. De foto is waarschijnlijk genomen in krijgsgevangenenkamp Stanislau.

dinsdag 2 mei 2017

Sigarettenpijpje uit Stanislau.

Schenking van Dhr. Ziëck, waarvoor dank!
Houten sigarettenpijpje uit kamp Stanislau. Dergelijke handwerkjes werden door krijgsgevangenen Russen, die als corveeërs werkten, geruild met de Nederlanders tegen bijvoorbeeld voedsel of sigaretten.

zondag 19 maart 2017

Neem het mee en doe er wat mee.

Gister mocht ik een zeer, zeer bijzondere schenking ontvangen. Een bevriend verzamelaar is een goede vriend geweest van 2e luitenant G. van Amstel, KGF 30718. Hij heeft Van Amstel zeer persoonlijk gekend en heeft van hem destijds al zijn documenten uit krijgsgevangenschap gekregen; 2 mappen vol unieke documenten.
Gijs gaf ze met de woorden "Neem het mee en doe er wat mee". Met dezelfde woorden zijn de documenten aan mij overgedragen.

De heer Van Amstel behoorde tot de groep van 2000 Nederlandse officieren welke op 15 mei 1942 in de val zijn gelokt en vervolgens zijn afgevoerd naar Teillager XIII B- Nürnberg Langwasser, na een verblijf van 2 maanden naar Stalag 371- Stanislau afgevoerd en in januari 1944 naar Oflag 67- Neubrandenburg.

Gijs van Amstel, schrijver van het boek "De zak met vlooien" 1974, is in totaal acht keer ontvlucht en weer gegrepen. Hij was bijzonder trots op het predikaat "Sehr Deutschfeindlich!" en heeft alles gedaan om het de vijand zo moeilijk mogelijk te maken. Hij was een van de kopstukken van de zogenaamde "Reisvereniging", de ploeg ontsnappingsofficieren die alle pogingen zorgvuldig voorbereidden en coördineerden.

Map 1 bevat zijn persoonskaart, brieven, foto's en vele tekeningen. Map 2 allerlei documenten m.b.t. de ontsnappingen.


maandag 8 februari 2016

Cadet-sergeant Snijdewint

Een aantal maanden terug kwam ik door de aankoop van een boek uit krijgsgevangenenkamp Stanislau in contact met de zoon van oudgevangene Cadet-sergeant Fred Snijdewint.






Een afspraak werd gemaakt en ik had de eer oud KGF 31012 te bezoeken in het verzorgingshuis waar hij woont. Samen met zijn zoon spraken we enkele uren over zijn tijd als gevangene.

In 1922 werd HFJ Snijdewint geboren. Zijn vader was leraar aan de KMA en werd later officier bij het KNIL.
Nadat hij in NOI zijn HBS had afgerond deed hij toelatingsexamen voor de KMA in Breda, en hij verkreeg de enige Genie-plaats van zijn lichting. 9 september 1939 begin hij zijn periode als cadet aan de KMA. Dat duurde niet lang, want na de capitulatie kregen alle cadetten eervol ontslag (niet op verzoek).

Van september 1940 tot mei 1942 volgde hij de studie voor civiel ingenieur aan de Technische Hogeschool te Delft, omdat die het beste aansloot op zijn genie-opleiding aan de KMA. In die periode leerde hij Anke Vos, zijn toekomstige vrouw, kennen, die het nichtje was van Mevrouw van Schaik, bij wie hij een kamer had gehuurd op de hoek van de Koornmarkt en de Breestraat. Begin 1941 kwam hij vaak op de Oude Delft om er een gezellige avond te hebben. Ook wandelden en fietsten hij en Anke veel in en in de omgeving van Delft. In december van dat jaar ging hij voor het eerst met de familie Vos mee naar de Kerstnachtmis en in de loop van het jaar 1942 volgde hij bij de toenmalige studenten-pastoor, die in huis woonde bij de familie van Moorsel, goede kennissen van de familie Vos, lessen over het RK-geloof. Hoewel hij vroeger in Indië nooit naar een kerk ging, was hij wel christelijk opgevoed en hij begreep dat om met Anke te trouwen het makkelijker was als hij zich zou aansluiten bij de RKK.

15 mei 1942 meldde Fred Snijdewint zich op de Kloosterkazerne Breda en werd teruggevoerd in krijgsgevangenschap. De officieren en cadetten hadden zich al vaker moeten melden, maar dit keer bleek het een list; ze werden niet meer vrijgelaten! Fred moet al een vaag vermoeden hebben gehad van de Duitse list, want op zijn kamer op de oude Delft had hij zijn uniformkleren al in een koffer klaargezet. Vanuit Langwasser moesten ze een voordrukkaart naar huis sturen met een verzoek om het uniform op te sturen, ze waren immers nog in burgerkleding.

Via Neurenberg Langswasser kwam hij in kamp Stanislau terecht. Hier werd hij op 25 april 1943 gedoopt door leger-aalmoezenier W.A.J. van der Maden, die vrijwillig ter geestelijke ondersteuning voor de gevangenen naar het kamp kwam. Zijn doopgetuige was luitenant Quadekker, verre familie van Anke Vos. Na zijn doop werd Fred ook misdienaar bij van der Maden. Aan het begin van de diensten stond hij bij de ingang met een rozenkrans om te tellen hoeveel gevangenen er ter communie zouden gaan, zodat van der Maden wist hoeveel hij moest consecreren.

Luitenant Quadekker haalde Fred vaak op uit het gescheide cadettenkamp (ook wel Puppenlager of eenvoudigweg het kleine kamp genoemd).

In januari gingen de Nederlanders op transport naar Oflag 67, een barakkenkamp in Neubrandenburg. Hier werd Snijdewint bevrijd door de Russen, die hen uiteindelijk naar de demarcatielijn brachten. Snijdewint weet zich nog te herinneren dat veel van de Russen beslag legden op de horloges van de Nederlanders. Toen ze de Russen om eten vroegen, wezen ze richting het dorp; "ga maar halen". Vanaf de demarcatielijn werden ze door de Engelsen naar Oldenzaal gebracht. Op 3 juni kwamen ze aan in Soest waar ze werden geregistreerd. Vanaf daar waren verschillende trucks beschikbaar voor de thuisreis. Met enkele jaargenoten uit Delft werden ze door een Franstalige Canadees naar Delft gebracht, waar hij middernacht aanbelde; eindelijk thuis!

De doopherinnering die Snijdewint in Stanislau van Van der Maden kreeg.


Later vond de zoon van Fred Snijdewint dit bijzondere boek nog, afkomstig uit de kampbibliotheek van Stanislau. Dit boek is gestuurd door het YMCA naar de krijgsgevangenen. Het andere boek is waarschijnlijk door zijn vader gezonden, die heeft tijdens de gevangenschap van zijn zoon meerdere boeken gezonden. Een prachtige schenking, waarvoor dank!



Gestempeld "Bibliothek des STALAG 371"

Gestuurd door het YMCA, dat erg actief was voor de hulp aan krijgsgevangenen.

Stanislau december 1943
HFJ Snijdewint